Alles over één aandoening

Elf dossiers die nieuws, richtlijnen en veelgestelde vragen bij elkaar brengen.

Bekijk de dossiers

Geen voordeel kwaliteit van leven radiotherapie bij botmetastasen

Stereotactische en conventionele radiotherapie hebben een vergelijkbaar effect op de door patiënten gerapporteerde kwaliteit van leven bij pijnlijke botmetastasen, stellen onderzoekers van het UMC Utrecht. Alleen de scores voor functionele interferentie en psychologische aspecten verbeterden iets meer na conventionele radiotherapie. Botmetastasen komen veel voor bij vergevorderde kanker en veroorzaken onder meer pijn, neurologische klachten, fracturen en hypercalciëmie.

Conventionele radiotherapie (cRT) is de standaard palliatieve behandeling, gericht op pijnvermindering en verbetering van de kwaliteit van leven. De onderzoekers voerden een gerandomiseerde fase II-studie uit onder 110 patiënten waarin zij de pijnrespons na stereotactische radiotherapie (SBRT) vergeleken met die na cRT. De hypothese was dat dosisescalatie bij SBRT tot een betere pijnrespons zou leiden, maar de primaire analyse liet geen klinisch significant verschil zien: pijnrespons trad op bij 32 procent na cRT en 40 procent na SBRT.

In deze tweede analyse vergeleken de onderzoekers andere patiëntgerapporteerde uitkomsten, zoals algehele kwaliteit van leven en fysiek en emotioneel functioneren. De QoL-scores verbeterden in beide groepen en waren vergelijkbaar voor alle domeinen, behalve functionele interferentie en psychologische aspecten. De scores voor functionele interferentie waren na 12 weken meer verbeterd in de cRT-arm (25,5 versus 14,1 punten; p = 0,04), evenals de psychosociale scores na 8 weken (12,2 versus 7,3; p = 0,04).

Ondanks het uitblijven van verschillen verbeterde bij de meeste patiënten de kwaliteit van leven op enig moment binnen drie maanden na de behandeling.

Bron

Pielkenrood BJ, et al. Quality of life after stereotactic body radiation therapy versus conventional radiotherapy in patients with bone metastases. Int J Radiat Oncol Biol Phys. 2022 Jan 8:S0360-3016(21)03436-2. doi: 10.1016/j.ijrobp.2021.12.163.

Lees het volledige artikel

Meld u gratis aan om verder te lezen en toegang te krijgen tot alle artikelen, nascholing en accreditatie op mediamed.

Gratis aanmeldenIk heb al een Mediamed account · Inloggen

Lees ook

Incidentie bestralingspneumonitis na EGFR-TKI vaak onderschat

Incidentie bestralingspneumonitis na EGFR-TKI vaak onderschat

Longgeneeskunde

1 min. leestijd

De combinatie van EGFR-TKI’s en thoracale radiotherapie bij patiënten met gevorderd NSCLC gaat gepaard met een hoge incidentie (~62%) van radiatiepneu ...

Lees meer
Gehypofragmenteerde radiotherapie effectief bij ouderen met IIB-IIIC NSCLC

Gehypofragmenteerde radiotherapie effectief bij ouderen met IIB-IIIC NSCLC

Longgeneeskunde

2 min. leestijd

Een retrospectief real-world onderzoek bestudeerde de waarde van matige gehypofractioneerde radiotherapie (hypoRT) bij oudere patienten en patienten m ...

Lees meer