Nieuwsbrief · Longgeneeskunde

Longgeneeskunde augustus 2026

In deze uitgave

Mitiperstat niet effectief bij COPD in fase 2a
LonggeneeskundeMitiperstat niet effectief bij COPD in fase 2a

Mitiperstat lijkt geen effectieve behandeling voor COPD. Uit een recent gepubliceerde fase 2a-studie blijkt dat de myeloperoxidaseremmer mitiperstat het risico op COPD-exacerbaties niet vermindert en het de longfunctie, klachten of ziektelast niet verbetert. Daarnaast wegen de risico’s niet op tegen eventuele voordelen van deze behandeling. Bij COPD speelt neutrofiele inflammatie een grote rol. Mitiperstat remt myeloperoxidase (MPO), een enzym dat voorkomt in neutrofielen.

MPO lijkt bij te dragen aan oxidatieve stress, chronische inflammatie, emfyseemprogressie, small airway remodeling en pulmonale hypertensie. Daarom werd MPO-remming onderzocht als potentiële therapeutische strategie bij COPD. Fase 2a onderzoek Recent is het fase 2a onderzoek met mitiperstat afgerond. In dit gerandomiseerde, dubbelblind, placebogecontroleerde onderzoek met parallelle behandelarmen includeerden de onderzoekers 381 patiënten met matig-ernstig COPD en een hoog exacerbatierisico met een gemiddelde leeftijd van 66 jaar (bijna 40% vrouw).

Lees verder ›
Incidentie bestralingspneumonitis na EGFR-TKI vaak onderschat
LonggeneeskundeIncidentie bestralingspneumonitis na EGFR-TKI vaak onderschat

De combinatie van EGFR-TKI’s en thoracale radiotherapie bij patiënten met gevorderd NSCLC gaat gepaard met een hoge incidentie (~62%) van radiatiepneumonitis (RP). Wel zijn de gevallen van bestralingspneumonitis vaak laaggradig en goed te mitigeren. Literatuurreview en meta-analyse Onderzoekers bestudeerden de incidentie van bestralingspneumonitis bij patiënten met stadium II/IV NSCLC met een EGFR-mutatie, die in aanvulling op de thoracale radiotherapie een EGFR-TKI kregen. Twintig studies met in totaal 693 patiënten werden geïncludeerd.

De gepoolde incidenties werden met een random-effects model bepaald. Hoge incidentie bestralingspneumonitis, maar laaggradig De algehele gepoolde incidentie van bestralingspneumonitis bedroeg 62,06% (95%BI 48,67-74,63), een stuk hoger dan de onderzoekers op voorhand verwachtten. Een groot deel van de bestralingspneumonitis-gevallen was echter laaggradig van ernst. Graad 1-2 pneumonitis werd gezien bij 52,09% (95%BI 38,21-65,81), terwijl een ernstige bestralingspneumonitis (graad 3-5) bij 5,33% (95%BI 1,87-10,41) optrad.

Lees verder ›
Sociodemografie van nooit-rokers met longkanker
LonggeneeskundeSociodemografie van nooit-rokers met longkanker

Longkanker bij mensen die nooit hebben gerookt (LCINS) neemt duidelijk toe. Vooral vrouwen, mensen jonger dan 50 of ouder dan 80 jaar, en personen van zwarte of Spaanstalige afkomst hebben een verhoogde kans op LCINS. Vrouwen van Spaanstalige afkomst lopen een zeer hoog risico. Longkanker bij mensen die nooit rookten, ook wel LCINS genoemd als acronym van Lung Cancer in Individuals who Never Smoked, is een aparte vorm van longkanker die niet goed wordt meegenomen in de huidige screeningsrichtlijnen, omdat deze voornamelijk gebaseerd zijn op rookgeschiedenis.

Nu roken in de algemene bevolking verder afneemt dankzij succesvolle antirookcampagnes, neemt de groep met LCINS proportioneel toe. Het is niet duidelijk welke demografische subgroepen disproportioneel vaak kampen met LCINS. Retrospectief dossieronderzoek Daarom brachten onderzoekers met behulp van een retrospectief onderzoek van ruim 5000 patiëntendossiers de belangrijkste geslachts- en etniciteit-trends bij longkanker bij nooit-rokers in kaart.

Lees verder ›