Nieuwsbrief · Longgeneeskunde

Longgeneeskunde september 2026

In deze uitgave

Alleen semaglutide hangt samen met minder luchtwegexacerbaties
LonggeneeskundeAlleen semaglutide hangt samen met minder luchtwegexacerbaties

GLP-1-receptoragonisten worden voorgeschreven bij type 2-diabetes en obesitas, twee comorbiditeiten die bij astma en COPD het exacerbatierisico verhogen. Observationeel onderzoek liet eerder al minder exacerbaties zien bij gebruik van deze middelen, maar onduidelijk bleef of de nieuwere en oudere GLP-1-receptoragonisten onderling verschillen, of er een dosis-responsrelatie bestaat en of astma en COPD anders reageren. Een analyse van Britse elektronische medische dossiers, gepresenteerd op het ERS-congres 2026, laat zien dat alleen semaglutide samenhangt met minder luchtwegexacerbaties, en vooral bij astma. De onderzoekers voerden vier parallelle new-user active-comparatorstudies uit, waarin starters van elk van de GLP-1-receptoragonisten werden vergeleken met starters van een sulfonylureumderivaat.

Met doubly robust inverse probability of treatment weighting corrigeerden zij voor onder meer ziekte-ernst, BMI, roken, eosinofielenaantal en comorbiditeit. Uitkomstmaat was de gewogen hazard ratio (wHR) voor luchtwegexacerbaties. Daarnaast toetsten zij effectmodificatie door de dosering en door de onderliggende longziekte.

Lees verder ›
Twee sprekers, één spirometrie: de vaste ratio van GOLD tegenover de Z-score die Nederland al gebruikt
LonggeneeskundeTwee sprekers, één spirometrie: de vaste ratio van GOLD tegenover de Z-score die Nederland al gebruikt

Er zijn sessies waar de sprekers elkaar beleefd aanvullen, en er zijn sessies waar ze het gewoon oneens zijn. Deze was van de tweede soort, en dat is precies waarom hij de moeite waard is: het ging over de vraag welk getal bepaalt of uw patiënt luchtwegobstructie heeft. De sessie heette Clinical challenges beyond guidelines en was expliciet bedoeld om de omstreden kanten van de huidige richtlijnen te bespreken, hun beperkingen te benoemen en alternatieven voor te stellen. Vier onderwerpen: interpretatie van routinelongfunctieonderzoek, herstel na longchirurgie, COPD, en cardiale sarcoïdose.

De eerste en de derde gingen over hetzelfde probleem en kwamen tot verschillende adviezen. Eerst de kant van de Z-score. Claudio Sorino besprak de nieuwe race-neutrale referentiewaarden, GLI Global. Dat is één set vergelijkingen voor iedereen, afgeleid uit de GLI 2012-gegevens samen met NHANES III, die de afkomstspecifieke curves vervangt.

Lees verder ›
Longkanker bij longfibrose: de eerste ERS-richtlijn voor een groep die uit elk onderzoek wordt geweerd
LonggeneeskundeLongkanker bij longfibrose: de eerste ERS-richtlijn voor een groep die uit elk onderzoek wordt geweerd

Een man wordt verwezen voor beoordeling voor longtransplantatie wegens ernstige IPF. Op de PET-CT blijkt een verdachte nodus in de rechterbovenkwab. Geen lymfeklieren, geen uitzaaiingen: een longcarcinoom in een vroeg stadium. En dan begint het probleem pas. Opereren kan curatief zijn, bestralen ook, maar allebei kunnen ze bij deze longen een acute exacerbatie van de fibrose uitlokken. Niets doen dan maar, of afwachten tot er chemotherapie nodig is? Dat is geen zeldzaam scenario.

Het is het scenario waar elke ILD-poli tegenaan loopt, en tot nu toe was er geen richtlijn die erover ging. Patiënten met interstitiële longziekte worden namelijk stelselmatig uitgesloten van longkankertrials, precies omdat ze kwetsbaar zijn. Zo ontstaat een groep waarover we niets weten door de manier waarop we onderzoek doen. Op ERS 2026 werd de eerste ERS-richtlijn gepresenteerd die deze vraag wél adresseert. Het panel begon in 2023, screende duizenden studies en formuleerde zeven PICO-vragen plus twee narratieve vragen. Belangrijk detail: het panel wilde nadrukkelijk IPF-specifiek bewijs, geen algemene ILD-uitspraken.

Lees verder ›
Inhalatie-treprostinil valt af bij pulmonale hypertensie door COPD
LonggeneeskundeInhalatie-treprostinil valt af bij pulmonale hypertensie door COPD

Toen inhalatie-treprostinil werd geregistreerd voor pulmonale hypertensie bij interstitiële longziekte, ontstond een logische verwachting: als een geïnhaleerd prostacycline-analoog werkt bij PH door longfibrose, waarom dan niet bij PH door COPD? Het is dezelfde vorm van vasculaire betrokkenheid bij een parenchymateuze longziekte, en het inhalatieprincipe belooft juist daar iets, omdat het middel terechtkomt waar ook de ventilatie is. Die verwachting is op ERS 2026 begraven. De PERFECT-studie, die inhalatie-treprostinil onderzocht bij PH geassocieerd met COPD, moest voortijdig worden gestopt.

Er was geen aanwijzing voor werkzaamheid, en er waren meer patiënten in de behandelarm met een ongunstige reactie op de behandeling. Dat is een belangrijker resultaat dan het lijkt, omdat het de verleiding wegneemt om een registratie bij de ene indicatie door te trekken naar de andere. De spreker was daar expliciet over: de hoop was dat dit een universeel middel zou worden voor PH bij longziekten, en dat is het niet.

Lees verder ›
Een kwart van de mensen met PRISm krijgt COPD onder het voorgestelde nieuwe schema
LonggeneeskundeEen kwart van de mensen met PRISm krijgt COPD onder het voorgestelde nieuwe schema

De diagnose COPD hangt in Nederland nog altijd aan één getal: de FEV1/FVC-ratio na bronchusverwijding. Wie eronder zit heeft het, wie erboven zit niet. Iedereen die spreekuur doet weet dat dat schuurt. De patiënt met klachten, een rookhistorie en emfyseem op de CT, maar met een ratio van 0,71, krijgt geen diagnose. De patiënt met een ratio van 0,68 en geen enkele klacht krijgt er wel een. Op ERS 2026 werd in de JAMA Journal Club een voorgesteld nieuw diagnostisch schema gepresenteerd, toegepast op de COPDGene- en CanCOLD-cohorten.

In plaats van alleen de ratio wegen daarin ook symptomen en structurele afwijkingen mee. De vraag die het publiek natuurlijk stelt is: wie verandert er dan van categorie, en hoeveel? De cijfers zijn concreet. Van de mensen met PRISm, een behouden ratio met een verlaagde FVC, zou 26 procent in COPDGene voortaan als COPD worden geclassificeerd. Van wat vroeger GOLD-stadium 0 heette, 12 procent. Omgekeerd zou ongeveer 6,8 procent van de mensen met alleen obstructie, zonder klachten en zonder structurele afwijkingen, de diagnose COPD juist kwijtraken.

Lees verder ›