Alles over één aandoening

Elf dossiers die nieuws, richtlijnen en veelgestelde vragen bij elkaar brengen.

Bekijk de dossiers

Een kwart van de mensen met PRISm krijgt COPD onder het voorgestelde nieuwe schema

ERS Insights 2026Deze aflevering hoort bij onze serie over ERS 2026 in Barcelona. Bekijk alle afleveringen en de toets.
De diagnose COPD hangt in Nederland nog altijd aan één getal: de FEV1/FVC-ratio na bronchusverwijding. Wie eronder zit heeft het, wie erboven zit niet. Iedereen die spreekuur doet weet dat dat schuurt. De patiënt met klachten, een rookhistorie en emfyseem op de CT, maar met een ratio van 0,71, krijgt geen diagnose. De patiënt met een ratio van 0,68 en geen enkele klacht krijgt er wel een. Op ERS 2026 werd in de JAMA Journal Club een voorgesteld nieuw diagnostisch schema gepresenteerd, toegepast op de COPDGene- en CanCOLD-cohorten. In plaats van alleen de ratio wegen daarin ook symptomen en structurele afwijkingen mee. De vraag die het publiek natuurlijk stelt is: wie verandert er dan van categorie, en hoeveel? De cijfers zijn concreet. Van de mensen met PRISm, een behouden ratio met een verlaagde FVC, zou 26 procent in COPDGene voortaan als COPD worden geclassificeerd. Van wat vroeger GOLD-stadium 0 heette, 12 procent. Omgekeerd zou ongeveer 6,8 procent van de mensen met alleen obstructie, zonder klachten en zonder structurele afwijkingen, de diagnose COPD juist kwijtraken. In totaal wordt 15,4 procent van het cohort opnieuw…
In het kort
  • Onder het voorgestelde nieuwe diagnostische schema krijgt 26 procent van de mensen met PRISm de diagnose COPD, en 12 procent van wat vroeger GOLD-stadium 0 heette.
  • Omgekeerd verliest ongeveer 6,8 procent de diagnose: obstructie zonder klachten en zonder structurele afwijkingen bleek na ongeveer tien jaar geen extra risico te geven.
  • In totaal wordt 15,4 procent van het cohort opnieuw ingedeeld. De winst zit in specificiteit; wat dat kost aan sensitiviteit is de openstaande vraag.
Test je kennis
0 / 1
1. Welke groep verliest onder het voorgestelde schema juist de diagnose COPD?
Bronnen
  1. Surya Bhatt (Verenigde Staten), "A multidimensional diagnostic approach for COPD", in sessie 316 "Highlights from JAMA", ERS Congress 2026, Barcelona, 7 september 2026, 10:15 tot 11:45. Voorzitters Kristin Walter (JAMA), Ioannis Vogiatzis en Lisa Jane Brighton. Samengevat uit de opname door de redactie van MediaMed.
  2. Onderliggende publicatie: COPDGene 2025 Diagnosis Working Group and CanCOLD Investigators; Bhatt SP, Abadi E, Anzueto A, et al. A Multidimensional Diagnostic Approach for Chronic Obstructive Pulmonary Disease. JAMA 2025;333(24):2164-2175.
  3. Richtlijnen: GOLD 2026 Report, v1.3, 8 december 2025. NHG-Standaard COPD (M26), laatste aanpassing juli 2025.

Veelgestelde vragen

1. Wat is PRISm?

Preserved ratio impaired spirometry: een behouden FEV1/FVC-ratio bij een verlaagde FVC. Het is geen meetfout maar een bevinding met eigen risico.

2. Hoeveel mensen worden onder het nieuwe schema anders ingedeeld?

In het COPDGene-cohort 15,4 procent van de deelnemers: een deel krijgt de diagnose erbij, een kleiner deel raakt hem kwijt.

De diagnose COPD hangt in Nederland nog altijd aan één getal: de FEV1/FVC-ratio na bronchusverwijding. Wie eronder zit heeft het, wie erboven zit niet. Iedereen die spreekuur doet weet dat dat schuurt. De patiënt met klachten, een rookhistorie en emfyseem op de CT, maar met een ratio van 0,71, krijgt geen diagnose. De patiënt met een ratio van 0,68 en geen enkele klacht krijgt er wel een.

Op ERS 2026 werd in de JAMA Journal Club een voorgesteld nieuw diagnostisch schema gepresenteerd, toegepast op de COPDGene- en CanCOLD-cohorten. In plaats van alleen de ratio wegen daarin ook symptomen en structurele afwijkingen mee. De vraag die het publiek natuurlijk stelt is: wie verandert er dan van categorie, en hoeveel?

De cijfers zijn concreet. Van de mensen met PRISm, een behouden ratio met een verlaagde FVC, zou 26 procent in COPDGene voortaan als COPD worden geclassificeerd. Van wat vroeger GOLD-stadium 0 heette, 12 procent. Omgekeerd zou ongeveer 6,8 procent van de mensen met alleen obstructie, zonder klachten en zonder structurele afwijkingen, de diagnose COPD juist kwijtraken. In totaal wordt 15,4 procent van het cohort opnieuw ingedeeld.

Dat laatste getal is het gevoeligste. Het betekent dat er nu mensen rondlopen met een COPD-label die onder het nieuwe schema geen ziekte hebben. In de presentatie werd die groep beschreven als mensen bij wie na ongeveer tien jaar geen oversterfte of extra morbiditeit zichtbaar was: obstructie zonder klachten en zonder structurele verandering bleek geen risicofactor.

De opzet van het schema is dus vooral gericht op specificiteit: minder mensen ten onrechte een chronische diagnose geven. Dat roept meteen de tegenvraag op, en die kwam ook uit de zaal.

Uit de zaal

Een deelnemer uit New Delhi legde de vinger op de zere plek:

"So what I understood was that we are trying to maximize the specificity of the diagnostic criteria for COPD, and that was very interesting. My question is, how is the sensitivity affected?"

Dat is de kernafweging. Wie de diagnose scherper stelt, mist meer mensen die de ziekte wél aan het ontwikkelen zijn. En juist bij PRISm, waarvan een kwart onder het nieuwe schema COPD krijgt, gaat het om een groep die we nu nauwelijks volgen.

Wat dit betekent voor de praktijk

Er verandert vandaag niets aan de manier waarop u de diagnose stelt. Maar de categorie PRISm verdient meer aandacht dan hij in Nederland krijgt. Het is geen restcategorie van mislukte spirometrie: een kwart van deze mensen komt in een nieuw schema als COPD uit, en de literatuur laat zien dat PRISm samenhangt met cardiovasculaire ziekte en sterfte. Wie een verlaagde FVC bij een behouden ratio ziet, heeft een bevinding in handen en geen meetfout.

Wat de richtlijnen zeggen, en waarom dat interessanter is dan het schema zelf

GOLD kent dit voorstel en heeft het bewust niet overgenomen. In het rapport van 2026 staat dat GOLD op de hoogte is van andere voorstellen om de diagnose COPD vast te stellen, met een verwijzing naar precies deze publicatie, en daarna de motivering: die voorstellen bevatten criteria die van CT-scans zijn afgeleid, en die zijn in veel landen niet beschikbaar of bereikbaar. GOLD houdt vast aan spirometrie in de juiste klinische context, en aan een post-bronchodilatoire FEV1/FVC onder 0,70 als voorwaarde voor de diagnose.

PRISm zelf staat wel in GOLD 2026, en met een stevige omschrijving: het hangt samen met een verhoogd risico op respiratoire klachten, cardiopulmonale ziekte, sterfte door alle oorzaken en door hart- en vaatziekten, ziekenhuisopname, en op het ontstaan van luchtwegobstructie. GOLD meldt dat ongeveer 20 tot 30 procent van de mensen met PRISm in de loop van de tijd overgaat naar obstructieve spirometrie.

In Nederland komt de term niet voor. In de NHG-Standaard COPD staat PRISm nergens; wat er wel staat is dat een Z-score van de FVC onder min 1,64 een aanwijzing is voor een mogelijke restrictieve afwijking, en dat een verlaagde FVC vaak het gevolg is van een technisch onvoldoende spirometrie. De NVALT-richtlijn COPD bevat helemaal geen diagnostiekmodule.

Daar zit dus het echte verhaal voor de Nederlandse lezer: waar GOLD PRISm beschrijft als risicocategorie, duidt de Nederlandse eerstelijnsstandaard dezelfde bevinding vooral als mogelijke restrictie of als meetfout.

Lees het volledige artikel

Meld u gratis aan om verder te lezen en toegang te krijgen tot alle artikelen, nascholing en accreditatie op mediamed.

Gratis aanmeldenIk heb al een Mediamed account · Inloggen

Lees ook

Wat is astma? Symptomen, diagnose en behandeling

Wat is astma? Symptomen, diagnose en behandeling

Longgeneeskunde

3 min. leestijd

Astma is een chronische inflammatoire aandoening van de luchtwegen, met wisselende klachten van benauwdheid, piepen, hoesten en een beklemd gevoel op ...

Lees meer
Twee sprekers, één spirometrie: de vaste ratio van GOLD tegenover de Z-score die Nederland al gebruikt

Twee sprekers, één spirometrie: de vaste ratio van GOLD tegenover de Z-score die Nederland al gebruikt

Longgeneeskunde

6 min. leestijd

Er zijn sessies waar de sprekers elkaar beleefd aanvullen, en er zijn sessies waar ze het gewoon oneens zijn. Deze was van de tweede soort, en dat is ...

Lees meer

Dossiers over dit onderwerp

COPD